Poëzie

Laat ze zijn


Laat ze zijn als knikkers

sierlijk rollend,

doorzichtig glanzend

om hun kobaltblauwe as


Krassen komen vanzelf

met de tijd

als ze keihard kletteren

kogels op koude tegels

tot ze matgesleten zijn

Audrucktanz


Ik zou je willen

schrijven langbenig

verderlicht aaneengeregen

mij overgevend

snelstromend aan

de woordendans


Ik schrijf je

afgemeten hoekig

vastgehouden in

de stramheid van

mijn eigen

vastgelopen

binnenmars

Fata morgana


Het gedicht 

is als een vergezicht

perspectief

in elke richting

grote hoogtes

evenwicht


of als de vervaagde afdruk 

van een verlaten landschap

de vergeten ansicht

die aan niemand 

is gericht